Varkens in de zomerlaat ze zoelen! 

 Staat ons wederom zo’n lange hete zomer te wachten? Wie zal het zeggen… Gelukkig heeft ons vee allerlei fysieke mogelijkheden om zich aan hoge temperaturen aan te passen zoals zweten, het versnellen van de ademhaling of het uitzetten van veren. Alleen ons varken schiettekort als het gaat om wat we met een mooi woord thermoregulatie noemen. Wat te doen?

 Het ontbreken van zweetklieren (slechts een paar in de snuit), van pigment en van beharing maken het voor varkens moeilijk om hun lichaamstemperatuur op peil te houden. We moeten varkens dan ook een handje helpen om ze gezond en wel de zomer door te laten komen.

In de bedrijfsmatige varkenshouderij waakt men bij hoge temperaturen voor hittestress, jaarlijks leidt dit helaas tot vele slachtoffers. Meestal omdat ventilatiesystemen niet deugen en de dieren oververhit raken. Oververhitting kan leiden tot apathie, miskramen, uitdroging en hartfalen. Onze huidige (bedrijfs-)varkens zijn veel gevoeliger voor warmte dan hun wilde soortgenoten; ze wegen aanzienlijk meer en ze leveren enorme prestaties zoals het produceren van grote koppels biggen of een kilo per dag groei.

Thermoregulatie 

Omdat de fysieke mogelijkheden tot thermoregulatie bij het varkens maar beperkt zijn, zoekt het dier naar mogelijkheden om af toe koelen (of zich op te warmen in de winter) in zijn omgeving. Als het warmer wordt, gaan de varkens niet meer tegen elkaar aan liggen en zoeken het liefst een kale vloer. Ze liggen dan ook meer op hun zij en zoeken een plekje met frisse lucht. Als het nog warmer wordt, gaan ze ook vochtige plekken opzoeken. In een gewoon hok kan dat de plek zijn waar mest en urine ligt, maar liever doen ze dat in schoon water of in een modderpoel. Het natmaken van de huid is dan een soort kunstmatig zweten. Als ze in het weiland lopen, wroeten ze ook wel diepe gaten om in de koele grond te gaan liggen. Ze gaan ook sneller ademhalen (pompen) om via de ademhaling warmte kwijt te raken. De beschikking over permanent fris drinkwater is natuurlijk van levensbelang. Als het warm is eten varkens ook minder, omdat eten weer voor extra warmteproductie zorgt. En natuurlijk zijn ze heel lui als het warm is, want van bewegen krijg je het ook warm. Ze zijn dan alleen actief op de koelere tijdstippen op de dag.

Kleur en beharing in het voordeel

Hobbyvarkens hebben het vaak beter voor elkaar. Vaak zien we hier gepigmenteerde rassen zoals hangbuikzwijnen, Thamworth’s en Berkshires of deels gepigmenteerd zoals Bentheimers of Husumers. Vaak hebben deze rassen ook meer beharing dan de roze bedrijfsvarkens, met als uitschieter het Mangalitsa wolvarken. Pigment en beharing beschermen het varken tegen zonnebrand, wat een pijnlijke huid tot lichte bandwonden kan veroorzaken. Overigens spelen de enorme huidplooien bij rassen als het hangbuikzwijn of de Meishan ook een rol bij de thermoregulatie: door het vergrote huidoppervlak kan het dier meer warmte kwijt.

Daarnaast hebben hobbyvarkens meestal meerdere keuzemogelijkheden in hun leefomgeving om aan de te hitte te ontsnappen of om de warmte juist op te zoeken: ze kunnen ervoor kiezen om binnen of buiten te verblijven en buiten. Het is belangrijk dat ze schaduw, beschutting en het liefst ook over een modderpoel kunnen beschikken.

Goed stalklimaat

Varkens die ’s zomers op stal worden gehouden hebben het extra zwaar. Een goed stalklimaat is dan essentieel. In een geïsoleerde stal laat het klimaat zich het beste regelen. Een goede natuurlijke ventilatie met voldoende inlaatopeningen voor koelere verse zuurstofrijke lucht en afvoeropeningen (bij voorkeur hoog in de stal aangebracht omdat warme lucht stijgt) voor de opgewarmde lucht verzadigd met gassen als Co2 en mestdampen en waterdamp, maakt een wereld van verschil. Loopt de temperatuur ondanks de isolatie en ventilatie toch te hoog op in de stal dan kan het natsproeien van de betonnen vloeren helpen. Uiteraard moet er altijd vers drinkwater (liefst tussen de 10 tot 15 graden) beschikbaar zijn.

Niets boven een modderpoel!
Soms kiezen varkens er ook zelf voor om ’s zomers de stal in plaats van het buitenverblijf op te zoeken, omdat het binnen soms koeler is, met name midden op de dag. Varkens die volledig buiten verblijven moeten in ieder geval een vorm van beschutting hebben. Dat kan een eenvoudige schuilstal zijn, maar ook bomen of struiken kunnen schaduw en beschutting geven. Onder warme omstandigheden kunnen we de dieren nat sproeien, dit geeft een tijdelijke verkoeling omdat het water op de huid verdampt. Veel effectiever is modder. Creëer daarom bij voorkeur een modderpoel. Door te zoelen in het modderbad raken ze niet alleen hun lichaamswarmte kwijt, de verkoeling blijft veel langer en bovendien vormt de modder een beschermend laagje tegen parasieten.

Zoelen moet!
Zoelen is een natuurlijk gedrag van varkens en behoort tot het noodzakelijke verzorgings- en comfortgedrag. Daarnaast zijn er ook aanwijzingen dat zoelen een functie zou hebben in geurmarkering en het seksueel gedrag. Idealiter zou er permanent een zoelplaats in de leefomgeving van varkens moeten zijn, want ook in andere jaargetijden  wordt zoelen waargenomen. Natuurlijke modderbaden leggen varkens zelf aan in gebieden met vochtige aarde. Het zijn kuilen gevuld met modder, maar ook met water. Ze worden gemaakt door het luieren, rollen en wroeten van de varkens. Modderbaden moeten eruitzien als een vijver en niet slechts dikke modder bevatten. Modder is beter dan water voor het geven van verkoeling. Een ideale modderpoel moet een dikke laag modder op het lichaam achterlaten wanneer het heel warm is. Een poel moet groot genoeg zijn voor gezamenlijk zoelen en moet gemakkelijk toegankelijk zijn. Om water in het modderbad te houden, kunnen modderbaden het beste liggen op laaggelegen, natte delen van het varkensverblijf. Varkens moeten kunnen graven en wroeten in modder voordat ze de poel ingaan.

De ‘perfecte’ poel komt tegemoet aan verschillende gedragsbehoeften die afhankelijk zijn van de omgevingstemperatuur. De dieren moeten kunnen staan in koel water wanneer het een beetje warm is  en kunnen zitten, rollen en zichzelf onderdompelen wanneer het nog warmer wordt. Bij het verlaten van de poel hebben varkens behoefte om te schuren, een paal of boom in de omgeving van de poel wordt zeer gewaardeerd. Veel varkens hebben de gewoonte om in, dan wel direct naast, de poel te urineren en te mesten. Hier valt niet zoveel aan te doen. Belangrijk is wel dat er permanent schoon vers drinkwater beschikbaar is zodat ze niet uit de poel hoeven te drinken. Varkens zoelen verschillende keren per dag.

Zomermenu 

De spijsvertering verhoogt de interne warmteproductie bij varkens en dus zullen zij bij hoge temperaturen minder eten. In de intensieve varkenshouderij compenseert men de verminderde voederopname met het verstrekken van hoog energetisch voer. Bij hobbyvarkens volstaat in de regel het verstrekken van het dagrantsoen over meerdere kleinere porties. Voer bij voorkeur vroeg in de ochtend of in de avond. Varkensdierenarts Gerard van Eijden uit Putten waarschuwt voor overconditie bij hobbyvarkens. “In de praktijk zie ik te vaak moddervette hobbyvarkens, op zich al een ongezonde situatie maar onder zomerse omstandigheden een extra kwelling voor deze dieren! Probeer varkens dus in een goede conditie, en dat is in dit geval een enigszins schrale conditie, de zomer in te laten gaan, door ze op rantsoen te zetten in het voorjaar”, adviseert Gerard.

De dierenarts wijst ook nog even op een extra risico van buitenvarkens. “Ze komen meer en vaker in contact met mest, onder meer bij het zoelen, waardoor het risico op wormbesmettingen groter is dan bij binnenvarkens.” Toch raadt hij af frequent te ontwormen zonder indicatie. “Breng wat verse mest naar de dierenarts, zo’n mestmonster geeft niet alleen uitsluitsel of ontwormen noodzakelijk is maar geeft ook aan welke wormen besteden zouden moeten worden. Met een gericht wormmiddel dat alleen toegediend wordt als het noodzakelijk is voorkomen we resistentie tegen de wormmiddelen.”

Tekst en foto’s: Hans Krudde