Previous Page  31 / 48 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 31 / 48 Next Page
Page Background

C

ees Hartveld stapt onaangekondigd het pand van Gelre

Dierenartsen in Groenlo binnen. Hem wacht een warme

ontvangst door een team van overwegend vrouwelijke

dierenartsen. "Hee Cees, kopje koffie? Ja, natuurlijk mag je het

team van Boerenvee je voormalige werkplek laten zien."

Pionierskind

Op 30 augustus 1949 ziet Cees Hartveld het levenslicht in

Marknesse. Hij is wat je noemt een 'pionierskindje', deze

eerstgeboren zoon van een boerenechtpaar uit Zuid-Holland dat

in de Noordoostpolder een nieuw bestaan opbouwt. Het gezin

verhuist uiteindelijk naar Rutten, waar vader Hartveld een

gemengd bedrijf voert. 'Mijn vader verbouwde aardappels, bieten

en graan en hield koeien, schapen, een tweetal fokzeugen, kippen

en twee paarden, waarmee hij zijn land bewerkte. Een jachthond

hadden we ook. Ik ben dus tussen de dieren opgegroeid. Op mijn

zevende kreeg ik een shetlandpony. Daar was een heleboel

eigenbelang bij, want een jaar later stuurde mijn vader me al met

de grote paarden het land in om te rollen en te eggen. Mooi werk.

Een hele nacht waken bij de zeugen was mijn liefhebberij niet.

Lammetjes ter wereld helpen mocht ik ook. Op aanwijzing van

mijn vader ging ik met mijn kleine handjes de ooi in en had zo de

pootjes te pakken.' Na de middelbare school gaat Cees naar de

Hogere Landbouwschool. Aanvankelijk wil hij boer worden.

Omdat de broer onder hem dat ook wil, verlegt Cees zijn koers en

gaat veterinaire geneeskunde studeren aan de faculteit Dierge-

neeskunde in Utrecht.

Geen Nieuw-Zeeland maar Zieuwent

Na afloop van zijn zesjarige studie zou Cees eigenlijk in militaire

dienst moeten, maar daar heeft hij niet zo heel veel zin in.

'Emigreren was in die tijd een van de manieren om onder

militaire dienst uit te komen. Ik wilde naar Nieuw-Zeeland, om

me daar te vestigen als veearts of desnoods als boer. Net op dat

moment trad Engeland toe tot de EU. De Nieuw-Zeelandse

landbouwsector verloor daardoor een belangrijk afzetgebied en

lag in één klap op z'n achterste. Streep door een boerenbestaan.

Tweede gevalletje van pech: in het jaar dat ik afstudeerde leverde

Wellington dertig splinternieuwe Nieuw-Zeelandse dierenartsen

af. Ik mocht wel komen, maar dan moest ik in het slachthuis gaan

werken. Ik dacht: nou, dat kan ik hier ook, dus maar niet.' Dan

neemt het lot een gunstige wending. Minister Vredeling van

Defensie geeft 500 jongens, waaronder Cees, vrijstelling van

dienstplicht. 'Een studievriend van mij uit Zieuwent had het

aanbod gekregen daar te komen meehelpen met de massabestrij-

ding', vertelt Cees. (red: onder massabestrijding wordt verstaan

MKZ vaccinaties, TBC-bestrijding e.d.) 'Omdat hij nog aan het

afstuderen was moest hij nee verkopen en omdat mijn Nieuw-

Zeeland avontuur net was afgeketst, stuurde hij mij. Zo ben ik in

de Achterhoek beland, water en horizon inruilend voor het

Achterhoekse coulisselandschap.'

In de maalstroom van de schaalvergroting

Op 1 januari 1977 treedt Cees toe tot de maatschap Te Maarssen

en Hopmans, later opgegaan in Gelre Dierenartsen. Hij komt vol

in de maalstroom van de schaalvergroting terecht. 'Bij de

runderen kreeg je de overgang van de grupstal naar de open

loopstal, waarin de hiërarchie in de kudde vrij spel krijgt en de

dieren elkaar kunnen verwonden. Hele koppels koeien heb ik in

die periode onthoornd. Verder waren er heel veel runderverlos-

singen en in de winter schapenverlossingen, ook heel dankbaar

31

Boeren

vee

1/2018